Ze werden in 2018 terecht beloond met de Prijs voor Democratie. Het “Burgerplatform voor steun aan de vluchtelingen” brengt mensen bij elkaar die onderdak willen bieden aan mensen op de vlucht. De deur van Anima Eliano uit Merelbeke staat altijd voor hen open.

“Ik heb voor het eerst iemand opvangen op 31 december 2017. Ik volgde de Brusselse versie van de Facebookpagina van het burgerplatform al, want ik had veel sympathie voor het initiatief. Maar aanvankelijk durfde ik de stap nog niet zetten om zelf iemand op te vangen. Toen er een Facebookpagina van het burgerplatform werd opgericht in Gent, heb ik de sprong gewaagd. Ik had wel wat schrik, want je kent de mensen niet en ik kon niet inschatten wat de impact op mijn leven zou zijn. Toen mijn eerste gasten arriveerden op die oudejaarsavond – 2 jonge mannen van Ethiopische origine – duurde het slechts een minuut vooraleer het ijs was gebroken en mijn angsten weg waren. Ik ben dan naar vrienden vertrokken en heb met een gerust hart mijn huis aan hen ter beschikking gesteld.”
Toen mijn eerste gasten arriveerden op oudejaarsavond duurde het slechts een minuut vooraleer het ijs was gebroken en mijn angsten weg waren.
“Intussen heb ik een 50-tal gasten opgevangen. Ik voelde dat ik door mijn engagement ook andere mensen zou kunnen overtuigen. Ik begon ook zelf vaak naar Brussel te rijden om er mensen op te halen. ’s Avonds komen de mensen die opvang zoeken en de vrijwilligers samen in het Maximiliaanpark. Het is opmerkelijk hoeveel alleenstaande moeders opvang voorzien. Misschien omdat er geen partner in huis is die het niet ziet zitten?”
“In Brussel zijn er ongeveer honderden gastgezinnen die zich engageren om mensen op de vlucht op te vangen. Dat is zeer mooi. In Gent zijn er weliswaar 500 mensen die de Facebookpagina volgen, maar leeft het nog niet zo sterk. We zouden inspanningen kunnen leveren om het initiatief beter bekend te maken. Dat burgers zich moeten engageren om mensen op te vangen is eigenlijk erg. Wij doen dit gewoon omdat de overheid tekort schiet. “

“Mijn gasten hebben niet de neiging om mij te overladen met hulpvragen. Zij voelen heel wat schroom om hulp te moeten vragen. Velen van hen vertellen weinig over zichzelf, anderen willen graag hun verhaal kwijt. Ze zijn vaak erg trots op hun geboorteland en hebben het soms over de dromen die ze hier in Europa willen verwezenlijken. Maar over hun vluchtreis en wat ze hebben meegemaakt in hun geboorteland blijft het akelig stil. Dat is best verontrustend. Wie weet wat hebben ze allemaal meegemaakt op hun tocht door Libië en over de Middellandse Zee.”
“De meeste van mijn gasten – die meestal uit Soedan, Ethiopië of Eritrea afkomstig zijn – hebben de bedoeling om door te reizen naar Groot-Brittannië. Ze durven hier vaak geen asiel aanvragen, omdat ze onzeker zijn over het beleid hier. In het Verenigd Koninkrijk bestaat er geen nationaal paspoort, kunnen ze anoniemer leven en er meer mensen van dezelfde origine ontmoeten. Ik probeer hen niet van het tegendeel te overtuigen, ook al omdat mijn juridische kennis te beperkt is. Ik luister en bied een verblijfplaats, en soms verwijs ik door voor advies.”
We doen dit allemaal omdat de overheid nalaat om haar verantwoordelijkheid te nemen.
“Sommige mensen denken dat dit een hobby is van mij. Maar ik doe dit omdat ik het gevoel heb dat dit noodzakelijk en tegelijk zeer evident is. Ik ken ondertussen mensen en ik wil niet dat ze in de kou blijven staan. En toch zijn er ook momenten geweest dat het wat veel werd, en dat ik er voor koos om enkele weken niemand op te vangen. Het burgerplatform biedt wel ondersteuning. Er is een psycholoog voor de vluchtelingen, zij faciliteren de overnachtingen, geven juridisch advies… Allemaal omdat de overheid nalaat om haar verantwoordelijkheid te nemen.”

